Het verdriet van Groningen & Belgisch royalisme en republicanisme nader bezien
13 maart 2018
Majesteitsschennis op z’n Gronings
15 maart 2018
Toon alles

Oranje boven, Groningen naar beneden

Joep Bertrams: Koninklijke Olie

 

Koningsdag 2018 wordt door Willem IV gevierd in het door aardbevingen geteisterde Groningen. Een uitgelezen moment om het eens te hebben over de aandelen van het koningshuis in Koninklijke Oliemaatschappij Shell. Dat gebeurt in het rapport ‘Verborgen kosten van het koningshuis’, dat het Republikeins Genootschap op 24 april a.s. in Groningen presenteert.

Tekst: René Zwaap

Illustratie: Joep

Hunne Majesteiten Koning Willem-Alexander en Koningin Máxima zijn vrijdag 27 april 2018 aanwezig bij de viering van Koningsdag in Groningen, hoofdstad van de provincie Groningen’, kondigde de Rijksvoorlichtingsdienst al enige maanden geleden aan. Een tactische meesterzet van de spindoctors van Oranje of een kapitale misrekening? In ieder geval ontvouwt zich in de noordelijkste provincie van het land sinds de aankondiging van het bezoek een enorm drama waarmee de positie van de Oranjes als grootaandeelhouder van Koninklijke Olie Shell plotseling in het middelpunt van de publieke discussie komt te staan.

Groningen heeft steeds meer te leiden onder aardbevingen als gevolg van de gasboringen door de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM), die op 50/50-basis eigendom is van Shell en Exxon Mobil. Het koninklijke belang in Shell bedraagt volgens de Rijksvoorlichtingsdienst ‘niet meer dan vijf procent’ van het aandelenkapitaal, hetgeen mooi overeenkomt met de wettelijke verplichting dat belangen tot 5 procent niet aan de grote klok hoeven te worden gehangen. Een belang in Shell van 5 procent zou naar verluidt overigens al goed zijn voor minstens 6 miljard euro op jaarbasis. Het Huis van Oranje loopt dus mede binnen op het NAM-gas terwijl Groningen steeds verder in de aardbodem verzakt.

Gronings Koningslied

Het duurde even voordat het kwartje viel bij de Groningers, maar dat veranderde toen de Groninger cabaretier Marcel Hensema een petitie begon met als doel dat Willem-Alexander de Shell het predicaat koninklijk afneemt. Inmiddels prijken er 28.039 handtekeningen onder dat verzoek, en tal van organisaties – waaronder Greenpeace, Milieudefensie en Oxam Novib – sloten zich bij het initiatief aan. Hensema kwam ook met een protestlied in de vorm van het Gronings Koningslied, waarmee de uitvoerende artiesten Alfred Venema met Pé & Rinus samen met de populaire toneelactivisten van De Verleiders de Groningse schouwburg op de achterste benen brachten. ‘Bent u onze Koning of gewoon een oliesjeik?’, is de wederkerende vraag aan ‘Koning Willem IV’ in dit lied. Het ligt niet voor de hand dat er ten paleize vrolijk wordt meegehost op de tonen van deze noordelijke carnavalskraker.

Inmiddels ging de Shell in vliegende vaart over tot het administratief loskoppelen van de banden tussen Shell en de NAM. President-commissaris Marjan van Loon van Shell haastte zich te verzekeren dat die loskoppeling ‘niets met de aardbevingsproblematiek in Groningen te maken’ heeft en dat ‘Shell achter de NAM en de Groningers zal blijven staan. Er is voldoende geld om alles te kunnen betalen.’ Je hoeft geen cynicus te zijn om daar vraagtekens bij te plaatsen. Inmiddels is duidelijk dat de Staat voor tweederde zal moeten opdraaien voor de schade uit claims wegens schade aan onroerend goed en ander Gronings ongemak. Voorlopig staat daar 1,2 miljard euro voor gereserveerd. Als Shell/NAM daar voor een derde deel voor moet opdraaien, is men niet meer dan 400 miljoen euro kwijt aan het Groningse gasdrama, en dat mag een koopje worden genoemd.

Het heeft lang moeten duren voordat Groningen wakker was geschud. Vijf jaar geleden sloeg Staatstoezicht op de Mijnen (Sodm) al alarm over de mogelijkheid van ongekend heftige aardbevingen als gevolg van onverantwoord intensieve gaswinning in Groningen. De toezichthouder gaf toen in een rapport dringend advies de gaswinning in Groningen aan banden te leggen ‘vanwege de veiligheid van de inwoners van de provincie Groningen die boven de aardbevingsgevoelige gebieden van het Gronings gasveld wonen en werken’. Het vraagstuk van de consequenties van de veel diepere bodemdaling dan verwacht die optreedt bij de gaswinning op het zogeheten Slochterenveld, was tot dan toe onder het politieke tapijt geveegd.

SodM stelde dat er een ‘hoog risico’ bestaat dat de provincie Groningen wordt getroffen door een aardbeving ‘ergens tussen de 4 en de 5 op de Schaal van Richter’. Tot nog toe kwam het niet tot hogere schokken dan 3,2 en die zorgden al voor 1,2 miljard euro aan schade. Een aardbeving op de schaal van 5,2 – waarmee de SodM rekening houdt – zou kunnen leiden tot aanzienlijk grotere schade. Met name hogere gebouwen zoals die in de stad Groningen in ruimte mate voorhanden zijn – denk maar aan de Martinitoren en talrijke flatcomplexen – zouden een verhoogd risico op instorting lopen. Het was ex-Shell-medewerker Hans de Waal die dit gevaar op de kaart zette. Als hoofd van de afdeling Geo-enigineering bij de SodM stak De Waal zijn nek uit. In de jaren ’80 promoveerde De Waal met een proefschrift over het verband tussen boringen, drukdalingen en compactie van de bodem, waarin stond berekend dat de te verwachten bodemdalingen in Groningen weleens twee keer zo sterk zouden kunnen zijn – meer dan 60 centimeter in plaats van de geraamde 30 – dan tot dan toe werd aangenomen. Zijn boodschap werd lange tijd weggewuifd.

Gaskraan helemaal dicht

Eigenlijk zou de gaswinning met het oog op de veiligheid helemaal moeten worden stopgezet, aldus SodM, maar aangezien dat financieel niet haalbaar was (de Staat verdient bij benadering zo’n 15 miljard euro per jaar aan het Groningse gas, dat voor het grootste gedeelte wordt geëxporteerd naar onder andere Italië, de recette van Shell/Nam lag vele malen hoger) adviseerde de inspectiedienst de NAM de productie met 40 procent terug te brengen van 50 miljard kubieke meter per jaar tot 30 miljard kubieke meter per jaar. Dat zou het aantal te verwachten aardbevingen per jaar te reduceren van 23 tot zo’n 14 en de kans op een aardbeving hoger dan 3,9 zou dan evenredig zijn verkleind. De NAM weigerde echter de productie uit eigen beweging te krimpen. Met minister Kamp kwam de NAM overeen dat er eerst 11 deelonderzoeken naar de problematiek van de bodemdalingseffecten van de gaswinning worden gedaan. Tot die tijd wilde de NAM met volle kracht door blijven pompen. Dat was geheel tegen de geest van het advies van de SodM in, want deze drong juist aan op snelle besluitvorming. ‘Als eerst alle noodzakelijke studies moeten worden uitgevoerd, waarvoor de NAM ongeveer 12 maanden denkt nodig te hebben, en als dan wordt geconstateerd dat de productie toch gereduceerd moet worden, zal het effect daarvan pas na 24-28 maanden gevoeld gaan worden’, waarschuwde de SOdM. ‘En als uit deze studies blijkt dat er andere maatregelen nodig zijn, zoals bijvoorbeeld extra putten en installaties, komen daar nog vele maanden tot één jaar bij’. Dat leverde kortom drie jaar tijdverlies op, hoewel het duidelijk was dat verwachte intensivering van de Groninger aardbevingen even goed zou doorgaan als de kraan per direct geheel werd dichtgedraaid.

Watersnoodramp

De NAM bleef pompen ondanks dat de gevaren evident waren. Dijkgraaf Bert Middel van waterschap Noorderzijlvest waarschuwde voor het risico dat de dijken van het Eemskanaal, de hoofdvaarweg tussen Delfzijl en Groningen, bij een hevige aardbeving zou kunnen breken. Daardoor zou een gebied van 6500 hectare twee meter onder water kunnen komen te staan, inclusief het grote gaswinningsveld van de NAM bij Slochteren. De waterschappen lieten al sensoren in de dijken plaatsen om te monitoren wat de impact van de aardschokken is op de waterkering. Middel: ‘In een worst case scenario zullen de dijken breken en dan zou er echt sprake zijn van een noodtoestand, een soort nieuwe watersnoodramp. Dan zal het vee verdrinken en duizenden mensen zouden moeten worden geëvacueerd.’ Dit is kortom materie die schreeuwt om een parlementaire enquête, die er al lang had moeten zijn.

Het wordt nog erger, want nadat de Groningse noodtoestand niet meer viel te ontkennen en de gaspompen van Slochteren eindelijk op een lager tempo werden gezet gaf minister Kamp de NAM toestemming de gaswinning op de Waddenzee de komende twintig jaar met 15 miljard kubieke meter extra te intensiveren. Daarmee zou een oplossing zijn gevonden voor een productiematiging op het Groningse vasteland. Echter, ex-NAM-topman Jan Houtenbos, die net als Hans de Waal zijn nek uitstak met kritiek op zijn voormalige werkgever, stelde dat ook op door boren op zee dramatische bodemdalingen kunnen worden veroorzaakt. Het probleem werd dus alleen maar verschoven. De NAM dekte zich in tegen deze kritiek dat men op zee ‘met de hand aan de kraan’ zou pompen en dus onmiddellijk zou stopzetten als bodemdaling erger zou blijken dan voorzien. Dat bleek echter een nepremedie. De bodemdalingen zullen ook gewoon doorgaan als er gestopt is met het gas naar boven halen. ‘De hand aan de pomp’ heeft dan ook helemaal geen zin en moet gezien worden als praatje voor de bühne.

5 miljoen mark voor Hitler

Het zal dan ook interessant zijn te vernemen wat Willem IV straks in Groningen te vertellen heeft over het verzoek om Shell zijn koninklijke keurmerk te ontnemen. Wie verder terugkijkt in de geschiedenis, kan zich allicht afvragen hoe de Shell in vredesnaam ooit aan dat predicaat is gekomen. Shell-oprichter Sir Henri Deterding verblijdde Hitler in 1936 bijvoorbeeld met een donatie van 5 miljoen Reichsmark, zo valt te lezen in de dagboeken van Joseph Goebbels. In Nigeria liet het bedrijf miljoenen liters olie weglekken. Protest hiertegen werd keihard neergeslagen. In Curaçao dumpte het bedrijf afval in een prachtige baai en liet een asfaltmeer achter. Wat betreft Nederland zijn het niet alleen de Groningers die een hoge prijs betalen voor de winstuitkeringen van de aandeelhouders van Shell, onder wie zich behalve het Huis van Orsanje-Nassau naar verluidt ook de Britse koningin Elizabeth II bevindt. De raffinaderijen van de oliemaatschappij in de Botlek zijn een permanent risico voor de veiligheid en de gezondheid van de inwoners van de omliggende woonwijken.

Intussen scoort Nederland jaar na jaar beschamend laag als het gaat om de transformatie naar duurzame energie. Het zou interessant zijn uit te zoeken in hoeverre dat verband houdt met het feit dat vele sleutelposities in de zwaarwichtige gremia die de overheid over die transitie moeten adviseren worden ingenomen door hoge ex-officials van de Koninklijke Olie. Volgens Greenpeace is maar liefst 2 procent van alle broeikasgassen die de mensheid sinds het begin van de industriële revolutie heeft uitgestoten, afkomstig van Shell. Ook niet erg koninklijk. Misschien dat ‘Willem IV’ qua Wiedergutmachung een mooi gebaar naar de gedupeerde Groningers kan maken door een royale donatie uit de door de jaren heen door zijn familie vergaarde Shell-winstuitkeringen te doneren aan hun schadefonds.

 

Nieuwsgierig naar de koninklijke aandelen in de Shell en andere financiële belangen van het koningshuis? Het Republikeins Genootschap presenteert 24 april a.s. het rapport ‘De verborgen kosten van het koningshuis’, uitgevoerd door de redactie van ‘De Republikein, tijdschrift voor de betrokken burger’. 

Lees ook de column van Republikeins Genootschap-voorzitter Hans Maessen over ‘Het Verdriet van Groningen’